Even ter inleiding:
Deze tekst heeft
als bedoeling om een discussie op gang te trekken…
Ik bied hier geen
systematische analyse van Hegel of Kant aan…
Deze blogtekst is
een filosofische komma…de hedendaagse geopolitieke situatie kan pas worden
begrepen vanuit een samengaan van een politieke, historische, sociologische en
zelfs militaire analyse…
Ik wil op geen
enkele manier voorbijgaan aan de ontzaglijke hoeveelheid menselijk leed dat
zich elke dag opnieuw in de wereld aandient…lees de tekst dus niet als een
koele, afstandelijke analyse…
Ik wil wel vanuit
Hegeliaanse intuïties de discussie over (de perceptie) van geopolitieke
instabiliteit mogelijk maken…
Hier ga ik dan:
De hedendaagse
geopolitieke situatie wordt gekenmerkt door een verregaande instabiliteit. Deze
instabiliteit vertoont zich niet alleen in wat er daadwerkelijk in de wereld
gebeurt, ze manifesteert zich ook in een diepgaand gevoel van ongerustheid dat
bij vele mensen heerst. Deze tekst heeft als doel een aanzet te geven voor een
filosofische benadering vanuit het denken van Hegel. Ik geef dus geen politieke
of historische analyse en zeker ook geen allesomvattende filosofische analyse
van het probleem, noch van Hegels filosofie.
Voor ik van start
ga wil ik wijzen op een belangrijk punt. Enerzijds is het de facto mogelijk dat de geopolitieke situatie instabiel is. Dit is
een interessante en naar alle waarschijnlijkheid ware stelling, maar verre van
eenvoudig aan te tonen. Om dit te bewijzen is een verregaande analyse vanuit
verschillende disciplines onontbeerlijk (sociologisch, politiek, filosofisch,
militair,…). Anderzijds heerst bij vele mensen de perceptie dat de geopolitieke
situatie instabiel is. Aanwijzingen hiervoor vind je in de manier waarop mensen
kijken naar wat er in de wereld gebeurt. Vaak wordt ten onrechte perceptie als
een minder belangrijk probleem beschouwd, maar dat is het volgens mij niet.
Perceptie kan immers leiden tot een specifieke vorm van handelen of het nalaten
van handelen. Perceptie kan mensen aanzetten tot een positieve actie, maar ook
de zaken op een heel negatieve manier beïnvloeden. Denk maar aan
onverschilligheid of ongenuanceerde
radicaliteit.
Om mijn analyse
te kunnen volgen, verwijs ik graag naar de tekening die ik door CHATGPT heb
laten maken. Ik probeer in deze tekening enkele belangrijke Hegeliaanse intuïties
weer te geven, zonder dat ik de hele filosofie van Hegel uitleg. Het spreekt
voor zich dat het denken van Hegel veel complexer is, maar toch meen ik dat de
tekening een verantwoorde manier is om zijn filosofie toe te passen op wat er
zich vandaag afspeelt in de wereld. Een goederentrein met Hegel als machinist rijdt
door een zonnig berglandschap in de richting van de bergtop. De goederentrein
bestaat uit wagonnetjes waarop containers zijn geplaatst. De wagonnetjes
verwijzen naar structuren of tendensen (deze begrippen komen niet van Hegel,
maar zijn door mij ingevoerd om het complexe denken van Hegel te kunnen
visualiseren) die Hegel meent te herkennen in de geschiedenis. De containers
verwijzen naar concrete historische gebeurtenissen (einde van de middeleeuwen, 9/11,
de eenmaking van Europa, etc.) Voornoemde structuren interageren met elkaar en
leiden tot nieuwe structuren. Deze interactie noemt Hegel het dialectisch
proces. Wat belangrijk is in dat dialectisch proces is dat de interactie tussen
structuren leidt tot een nieuwe structuur waarin de voorgaanden zijn opgenomen en op een hoger niveau zijn
getild. De nieuwe toestand is dan de synthese van de vorige structuren. Een
goed historicus is dan iemand die niet alleen over feitenkennis beschikt, maar
die ook de onderliggende structuren en tendensen van de geschiedenis kan
onderkennen en eventueel op basis van die kennis prognoses kan maken.
Een berglandschap
is grillig. Bovendien kan het weer in de bergen heel snel veranderen. Je kan er
de vier seizoenen in één dag beleven. Hiermee verwijs ik naar het dialectisch
proces dat volgens Hegel uiteindelijk leidt tot een toestand op een hoger
niveau. Hegel wil niet vanuit een misplaatst optimisme de geschiedenis lezen
als een lineaire progressie naar een ideale toestand: er zijn heel wat momenten
van terugval. Veeleer is de geschiedenis een grillige lijn die uiteindelijk, na
heel wat hoeken en kanten zal leiden tot een punt dat door Hegel wordt omschreven
als de verwerkelijking van de wereldgeest.
Het is in het kader van deze tekst quasi onmogelijk om uit te leggen wat de verwerkelijking van de wereldgeest bij
Hegel effectief betekent. Wat ik in dit betoog wil aangeven, is dat het punt
van de verwerkelijking van de wereldgeest
in de tekening wordt weergegeven door de zon. Uiteindelijk zal, aldus de
tekening en wellicht ook vanuit Hegels denken, de zon schijnen. Hegels
denken impliceert een
vooruitgangsgeloof, maar zeker geen naïef en simplistisch optimisme. Maar het
gegeven punt kan ook worden opgevat als een punt op oneindig (wat eigenlijk
meer aanleunt bij het denken van Kant, al lees ik Hegel ook zo, wat controversieel
is). Het gaat hier dan over een niet aflatend streefdoel, een punt waar we ons
als mensheid op richten maar dat we nooit (ten volle) kunnen of zullen
bereiken. Voornoemd punt verwijst dan naar de idee dat zin kan worden gevonden
in een continu proces van verbetering en menswording, waarbij elke persoonlijke
en institutionele realisatie van vooruitgang (Hegel) geen definitief eindpunt
is (Kant). Ik geef een voorbeeld: we kunnen wel degelijk maatschappelijke
instituten in het leven roepen die een belichaming vormen van wat
rechtvaardigheid is (Hegel), maar dit neemt niet weg dat we zullen moeten
blijven streven naar rechtvaardigheid als te realiseren ideaal (Kant).
Zoals ik reeds vermeldde,
heb ik de indruk dat mensen vandaag vooral instabiliteit voelen. Als we naar de
tekening kijken, dan betekent dit dat velen onder ons niet meer geloven of
durven geloven in de kracht van de zon. Het optimistische vooruitgangsgeloof
staat onder druk. Mensen voelen aan dat vooruitgang niet alleen te maken heeft
met technologie, maar ook met moraliteit. Gaan we er als mensheid op vooruit?
Uiteraard, maar vooruitgang mag niet herleid worden tot technologische
vooruitgang. De twijfel of misschien wel het ongeloof inzake de kwaliteit van
de morele vooruitgang, vormt één van de voedingsbodems voor daadwerkelijke of
gevoelsmatige instabiliteit.
Treinen
verslijten. De wagonnetjes waarop de containers staan gemonteerd zijn aan
renovatie toe. Zoals aangegeven gebruik ik de containers als beeld voor de
daadwerkelijke historische gebeurtenissen zoals de vlucht naar de maan, de
inval in Iran, de eenmaking van Europa, etc. In mijn tienerjaren hadden we als
gezin de gewoonte om ’s avonds samen naar het journaal te kijken. De gruwel die
we nu in het journaal zien, bestond toen ook. Ik zie nog steeds de beelden van
de stervende kinderen tijdens de hongersnood in Ethiopië bijvoorbeeld, of de
gruwel tijdens de burgeroorlog in Libanon of het bloed aan de inkom van de
Delhaize na een nietsontziende aanval door de bende van Nijvel. Het zijn maar
drie voorbeelden, er zijn er spijtig genoeg veel meer. Ondanks de verontwaardiging die er toen
bij mensen ook was, heb ik de indruk dat het geloof in de stabiliteit bij velen
toen overeind bleef, wat vandaag veel minder het geval is. Mensen geloofden
naar mijn aanvoelen meer in de kwaliteit van de wagonnetjes of de (Hegeliaanse)
structuren die interageren met elkaar die uiteindelijk zullen leiden tot een hoger
niveau van geschiedenis, een hoger niveau van menswording (Hegel). Ondanks de
heftige historische gebeurtenissen en de felle interacties, bleef een vorm van
(globale)stabiliteit bestaan, vooral ook omdat instituten zoals de Verenigde
Naties die een belichaming vormen van het menselijk streven naar een hoger
niveau, stand hielden. Bovendien
geloofden mensen, had ik de indruk, ondanks alles in de kwaliteit van de
spoorbaan, de voorspelbaarheid van het weer en zon bij aankomst op de bergtop.
Dit geloof staat vandaag onder druk. Ik wil hier absoluut niet veralgemenen.
Mensen stelden zich toen ook pertinente vragen, maar dit leidde niet tot een
globale instabiliteit omdat de maatschappelijke (Hegeliaanse) en institutionele
structuren nog sterk genoeg waren om de
trein in de richting van de zon te doen rijden.
Ik denk dat het
heel belangrijk is te blijven geloven in de kracht van hoop. Hoop is immers
besmettelijk. Wie hoopvol in het leven staat, geeft die hoop door aan anderen
en vindt er zelf nieuwe kracht in. Psychologisch onderzoek suggereert dat hoop
iets is dat kan worden aangeleerd. Hoop is echter niet gratuit. Hoop vereist
daadwerkelijke actie. Het is de overtuiging dat wat je doet een verschil maakt.
En inderdaad, het is vandaag zeker zo dat een individuele inspanning loont.
Jouw actie maakt een verschil. Het spreekt voor zich dat de resultaten van hoop
niet onmiddellijk zichtbaar zijn. Hoop vereist geduld en vastberadenheid.
Bovendien zal individuele actie niet volstaan. Geopolitieke entiteiten zullen
hun verantwoordelijkheid moeten blijven nemen en moeten inzien dat samenwerking
resulteert in vooruitgang voor alle partijen. Maar diezelfde geopolitieke
entiteiten kunnen maar overleven omdat de mensen die er deel van uitmaken
hoopvolle mensen zijn die actie ondernemen zodat we er als mensheid niet alleen
technologisch maar ook moreel op vooruitgaan. Hoe dan ook, lijkt het me overduidelijk dat
het geloof in de mogelijkheid van morele vooruitgang onontbeerlijk is, wil je
die morele vooruitgang daadwerkelijk bereiken en de wereld verbeteren.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten